Zeilen is hun leven. Ze reisden jarenlang over de aardbol om het olympische circuit af te gaan. Ze haalden successen, vonden elkaar en waren elkaars concurrenten bij de Spelen van 2008. Daarna viel het doek voor de olympische Tornado. In 2009 deed een knieblessure ’s werelds succesvolste catzeiler Darren Bundock (AUS) beseffen dat het tijd werd voor een koerswijziging. Samen met Carolijn Brouwer begon hij aan een nieuwe uitdaging; 2B Sailing. SailReport sprak met de kersverse Europese importeurs van de C2 en Viper catamarans.
Brouwer vulde in de jaren negentig als Europe-zeilster haar prijzenkast. Na een kortstondige uitstap naar de 470 en vervolgens een rentree in de Europe, koos ze in 2004 voor de Tornado. Als enige stuurvrouw in het veld en met de Belgische Sebbe Godefroid in de draad. Het duo veroverde in 2007 WK-zilver. Bundock daarentegen is een geboren catamaranzeiler. Hij won meerdere wereldtitels in de Tornado en F18. Bij de Spelen van 2000 en 2008 kreeg hij zilver omgehangen. Nadat de Tornado van het olympische zeilprogramma werd geschrapt, vervolgde zijn bemanning Glenn Ashby zijn sportieve loopbaan ondermeer als coach bij Team BWM Oracle. Bundock en Brouwer kozen duidelijk voor een andere post-olympische carrière.
De blessure van Bundock lag daaraan ten grondslag, zo vertelt hij: “In 2009 scheurde ik op Texel mijn kniebanden. Dat deed het ‘m voor mij. Ik was voor drie maanden volledig uit de running, dus had ik geen inkomsten. Naast de Tornado, vaar ik de F18 sinds het ontstaan van de klasse. Dat was mijn carrière als professionele zeiler. En ineens raak je werkeloos door een blessure. Ik realiseerde me dat ik ouder word en dit vaker kan gebeuren.”
Eigen F18 vermarkten
Dat hij een coachbaan niet ambieert, komt door zijn honger naar het zeilen: “Ik heb er nog steeds heel veel plezier. In eerste instantie dacht ik eraan om mijn eigen F18 te ontwerpen. Dat is nogal veel werk en ik was al heel ver. Uiteindelijk ben ik met Australian High Performance Catamarans (AHPC) gaan samenwerken. Vanwege de Australische connectie uiteraard en daarnaast was de Capricorn altijd één van de betere boten. Ze haalden goede resultaten zonder bekende zeilers erop. Hobie en Nacra hadden hun pro teams, terwijl de Capricorn nog steeds meedeed in de top.” De dit jaar geïntroduceerde C2 is de opvolger van de revolutionaire Capricorn.
Volgens Bundock zette de Capricorn in 2004 de toon. Sindsdien proberen de gevestigde merken het wave piercing concept van de Australische F18 te evenaren. Dat lukte ze aardig en langzaam verloor de trendsetter weer markt. Darren beaamt dit: “Het probleem is dat er geen ondersteuning was in Europa. Er waren enkele dealers, maar die hadden nooit veel reservematerialen.”
Markt terug winnen
“Hobie en Nacra hebben een enorme impact op de markt. Vooral in Nederland, waar die twee merken domineren”, begint Bundock te vertellen over hoe ze hun marktaandeel moeten proberen terug te krijgen. “We zullen langzaam ons plekje heroveren. Ik denk dat we op de goede weg zijn. We hadden dit jaar veertien C2’s bij het WK F18, waarmee we de drie-na-grootste vloot waren.” “En vier C2’s in de top twintig”, voegt Brouwer toe.
De grote merken hebben grote namen gecontracteerd om zich de kijker te varen. Hoe doen jullie dat en hoe denken jullie te kunnen groeien in de markt?
Bundock: “Wij hebben geen pro team, want we kunnen de boten zelf varen. Ik denk dat dat ons voordeel is, want we hoeven niemand te betalen en sparen dat geld dus uit.” Brouwer: “Het principe is simpel; goede resultaten betekent goede verkoop.” Alleen ontbrak het de Capricorn voorheen aan een servicecentrum, dus stagneerde de verkoop uiteindelijk. Dat hiaat willen de twee B’s nu invullen door in Europa de benodigde service te bieden. Met als thuishaven de loods van Magic Marine in Katwijk. Brouwer: “Dat zijn de twee belangrijkste pijlers; resultaten en een servicecentrum.”
Viper
Brouwer en Bundock hebben nog een zakelijke troef; de 16-voet lange Viper. Beiden waren ze dit seizoen behoorlijk actief op de kleinere uitvoering van de F18. Vooral met jeugd. Zo mochten de jongste deelnemers aan de Sneekweek een keer mee om aan het spektakel te proeven. De negenjarige Henri Demesmaeker nam tijdens de Zoute Cup in België het roer en zeilde met Bundock naar de vijfde plaats overall. “We hebben nu tijd voor fun dingen”, reageert Bundock enthousiast.
Op de vraag of dit hun strategie is om zoveel mogelijk jongeren kennis te laten maken met de catsport, antwoordt Brouwer: “Sommige kinderen die we hebben meegenomen, waren nog te klein voor de Viper. Maar het is echt bedoeld om de catsport onder de aandacht te brengen. Op dit moment pushen we de jeugd, maar we willen de Viper niet puur als jeugdboot promoten. Want de Viper is ook geschikt voor lichtere teams, die het minimumgewicht voor de F18 niet halen. Dus voor twee vrouwen, ouder/kind combinaties en gemengde duo’s.”
Klasse opbouwen
“Op dit moment valt de Viper in de F16-klasse, maar we willen de boot als een individuele klasse neerzetten”, licht Bundock toe. “Dan kunnen de zeilers zowel one-design, F16 als op handicap (104) zeilen. We hebben net een internationale Viper associatie gevormd. We hebben nu wereldwijd 110 boten in vier continenten. Ze zijn het populairst in Amerika en Australië gaat uiteraard ook goed, want daar komen ze vandaan. Frankrijk is groot met 26 boten. Vooral dit jaar hebben we veel Vipers in Frankrijk verkocht. Zij beginnen kleine vloten te krijgen.”
Ommezwaai
Over de persoonlijke beleving van hun ommezwaai van topzeilers naar dienstverlenende partij, zegt Bundock het volgende: “Bij Eurocat kwam ik bijvoorbeeld normaliter de dag van te voren aan en lag de boot klaar. Als ik zei dat ik een nieuw zeil nodig had, kreeg ik dat. Nu ariveerden we de dag van te voren aan en moesten we de container uitpakken. Ik moest het vervolgens doen met wat over bleef, waarbij de klanten uiteraard alle goede materialen hadden ontvangen. Ik voer uiteindelijk met de allereerste C2, die enkel voor de Paris Boat Show was gebouwd. Het was nooit de bedoeling dat die eerste versie zou gaan varen.” De kersverse ondernemer verging het desondanks prima. Hij eindigde als tweede overall.
Brouwer: “Soms is het hectisch met de verschillende petten op, maar ik denk dat je hier tijdens je olympische carrière mee leert omgaan. Zodra je het water opgaat, schakel je alle ruis uit. Dat is iets dat je door de jaren heen leert en in je rugzak meeneemt.”
‘Meer plezier’
Het komt Darren en Carolijn geenszins aanwaaien, zo vertelt Brouwer: “Het is echt heel hard werken. Zeker omdat wij de boten ook nog eens zelf varen. Maar toch beleef ik nu meer plezier aan het zeilen dan voorheen. Misschien omdat ik de Viper en C2 vaar.” Bundock ervaart hetzelfde: “Mensen om je heen tonen meer interesse in je. Ze komen naar me toe en praten met me, terwijl dat vroeger minder gebeurde. Toen zagen ze Glenn en mij toch meer als de topzeilers. Er was afstand. Wij moesten op hen afkomen. Tegenwoordig vragen ze om advies. Het is veel socialer geworden.” Brouwer: “Wij werden gezien als de Tornado-zeilers die het F18-circuit als training gebruikten. Nu horen we er echt bij.”
Morgen volgt deel 2 van dit interview, waarin Brouwer en Bundock ingaan op de olympische toekomst van de multihull.
DB
Foto's: 2B Sailing, Nicky Devisch (Henri en Darren), Marco Lazetta (Viper shops tijdens de F16 Euro Challenge 2010)
Er zijn nog geen reacties.